Eind jaren negentig kenmerkte de landbouw in het oosten van Nederland zich door een versnipperde productiestructuur van gemengde bedrijven met rundvee- en een varkenstak. De uitbreidingsmogelijkheden waren beperkt door overheidsmaatregelen, de marktsituatie en veeziektes.
De overheid en de sector zochten in die periode naar ontwikkelingsmogelijkheden voor in het bijzonder de intensieve veehouderij. Een nieuw ruimtelijk concept was noodzakelijk en de reconstructiewet bood hiervoor wettelijke mogelijkheden.
De reconstructie beoogt verbetering van ruimtelijke kwaliteit, milieukwaliteit en de sociaaleconomische structuur. Daarnaast streeft reconstructie het reguleren van de waterhuishouding en het verminderen van veterinaire risico’s na.
In Oost-Nederland vindt vanwege de spreiding van varkensbedrijven in combinatie met schaalvergroting een verschuiving van bedrijven plaats. In het reconstructieplan geeft een zonering vorm aan deze verschuiving. Dit heeft als doel de ontwikkeling van de intensieve veehouderij in extensiveringgebieden
te beperken en die in landbouwontwikkelingsgebieden LOG’s) te bevorderen.